Ik vind het toch altijd een beetje spannend, vliegen. Niet omdat ik bang ben dat we neer storten, of iets anders ernstigs. Of nou ja, eigenlijk dat ook. Maar ik ben ook altijd een klein beetje gespannen voor die éne oproep:

“Is er een dokter aan boord?”

Jaren geleden zat ik als 2e jaars geneeskundestudent in een groot vliegtuig naar Curaçao. Een van mijn vriendinnen liep daar stage en ik ging haar opzoeken. Het was mijn tweede vlucht ooit, en ik vloog in mijn eentje. Een oudere man begon me tijdens het opstijgen heel lief gerust te stellen.

Kindergeneeskunde

Vlak voordat ik vertrok had ik te horen gekregen dat ik mijn meest recente studieblok niet had gehaald. Kindergeneeskunde. De herkansing zou vlak nadat ik terug kwam worden gehouden. Indien ik de herkansing niet zou halen zou ik het blok het volgende jaar over moeten doen. Ik had dus mijn dikke studieboeken maar meegenomen in mijn handbagage.

Alle tijd om te studeren

Toen ik mijn studieboeken had uitgestald op mijn tafeltje, keek mijn buurman mij vragend aan. “Ik studeer geneeskunde, en heb mijn toets niet gehaald”, vertelde ik hem. Hij was onder de indruk van mijn studiekeuze en stootte zijn buurman en de buurman daarnaast aan om het nieuws te delen. “Deze dame wordt later dokter!”

Droge kost

Een beetje trots en gegeneerd tegelijkertijd begon ik met studeren. Ik liep nog geen coschappen dus van de praktijk kon ik me weinig voorstellen. En ook al kon ik goed studeren, de theorie begreep ik eigenlijk pas echt veel later, toen ik de patiënten er bij zag.

“Is er een dokter aan boord?”

Voorin het vliegtuig hoorde ik gehuil en geschreeuw. De oproep om de dokter bleef onbeantwoord. Mijn buurman keek mij aan. “Ik ben nog lang geen dokter hoor, ik heb deze toets niet eens gehaald”, lachte ik. Het gehuil bleef. “Is er alstublieft een dokter aan boord”, werd er weer omgeroepen. En nog een keer. En nog een keer.

Hartkloppingen

Met een snel kloppend hart klapte ik mijn tafeltje dicht en liep ik met studieboek en al naar de voorzijde van het vliegtuig. “Ik studeer geneeskunde, misschien kan ik helpen”, zei ik. “Maar ik ben nog geen dokter”. De steward nam me mee achter een gordijn, waar een meisje van 8 lag te kermen van de buikpijn. Haar moeder, een grote Antilliaanse vrouw, keek in paniek toe.

Appendicitis

Het meisje had vandaag buikpijn gekregen, waarbij de pijn van haar navel naar rechts onder was getrokken. Ook had ze koorts …. Toen ik op haar buik drukte was die plankhard. Hier had ik zojuist over gelezen! Een verhaal uit de studieboeken gegrepen! Een blindedarmontsteking, appendicitis! Snel bladerde ik in mijn boek naar het hoofdstuk waar ik dit had zien staan. Van de behandeling had ik namelijk geen idee meer…

Behandeling

Terwijl ik in mijn boek aan het bladeren was hoorde ik achter mij een stem. “Ik neem het hier wel van je over”. Een gepensioneerde huisarts had zich uiteindelijk ook gemeld en ontfermde zich over het meisje. “Inderdaad, een geperforeerde appendicitis”, zei hij. “Ze moet met spoed geopereerd worden”.

Studeren in het vliegtuig

Ik ging terug naar mijn vliegtuigstoel, en vertelde mijn nieuwsgierige buurman wat me was overkomen. Door de spanning was ik helemaal vergeten dat ik ook toen eigenlijk al een zwijgplicht had. De rest van de vlucht was ik te opgewonden om nog verder te studeren, dus dat heb ik tot de terugvlucht bewaard. En die herkansingstoets Kindergeneeskunde? Glansrijk geslaagd!